| Lc.
1, 1-20 |
Ik geloof in het
wonder van nieuw leven met God, in God en door God |
| Lc.
1, 1-4 + 4, 14-21 |
Dit
Woord gaat vandaag in vervulling! |
| Agapè wekt in mensen het vermogen tot
gemeenschap |
|
Ik kondig een
genadejaar aan … |
| Lc.
1, 26-38 |
God wil onder ons wonen; Hij
onderbreekt de menselijke orde |
| Heilige
Geest zal over je komen |
| Lc.
1, 39-46 |
Gezegend ben jij |
| Dat deze plaatsen de schoot mogen zijn
waarin het Woord mens mag worden |
|
Vervuld van
heilige Geest |
| Lc.
1, 57-66+80 |
Een bijzondere man |
| Lc. 2, 1-14 |
Kunnen wij die hoop gestalte geven? |
| De blijde boodschap
van het alternatief |
| Lc.
2, 1-14 + 15-20 |
Kerstmis: een nieuwe geboorte! |
| Lc. 2, 1-20 |
"Een kind is ons geboren - Een zoon
wordt ons gegeven…" |
| God breekt in |
| Gods liefde laat zich vinden |
| Drager worden van Gods droom |
|
De genade van een
ons overstijgende liefde |
| Lc.
2, 16-21 |
Nieuwjaarswens |
| Lc.
2, 33-40 |
Ik ben enthousiast
vanwege de HEER |
| Lc.
2, 41-52 |
Jezus, na een paasfeest uit het zicht
van zijn ouders verdwenen, verschijnt |
| Lc. 3, 1-6 |
De onuitblusbare kracht van sympathie |
| Advent: tijd van
omkeer |
| Als Gods verlangen
en ons diepste verlangen samenvallen |
|
Oproep: leg je
kleed af en sla de mantel om der Gods-verbondenen |
| Lc.
3, 10-18 |
God vraagt niet veel - Hij vraagt alles
- van jou |
| Oproep tot omkeer én een tinteling van
vreugde |
|
Het is opmerkelijk
dat de Enige waakzaam is in onze nacht |
| Lc.
3, 15-16+21-22 |
Wanneer de Geest
op Jezus neerdaalt, daalt de Geest op ons allen neer |
| Lc.
4, 1-13 |
Je laten gezeggen door de schriften |
| Beproevingen in het leven |
| Lc. 4,
21-30 |
‘Woorden van genade vloeien uit zijn
mond’ |
| Ontmaskerd worden en komen tot een
nieuw verstaan |
|
Wat heeft
gemeenschap nu nodig van mij? |
| Lc.
5, 1-11 |
Roeping: betrokken raken en gemeenschap
thuis brengen bij de levende God |
|
Religieuze
ervaring en roeping |
| Lc.
6, 17+20-26 |
Vloek en zegen, geluk en o wee |
|
Leven omwille van |
| Lc.
6, 17-26 |
Er ging een kracht van Hem uit die
allen genas |
| Lc.
6, 26-38 |
Gun je ‘ik’ de ruimte |
| Lc. 6, 39-42 |
Het gezicht van
Christus |
| Lc.
7, 11-17 |
Deel hebben aan Gods bewogenheid |
|
Kiezen voor
toekomst |
| Lc.
7, 36-8, 3 |
Vergeving |
| De inhoud van de goede boodschap over
het koninkrijk van God |
| Lc.
9, 11b-17 |
Met elkaar maaltijd houden |
| Lc.
9, 18-24 |
Wie zeg jij dat ik ben? |
| Lc. 9, 28-36 |
Ontmoeting in de wolk |
| Jesus’ binnenkant
wordt even zichtbaar |
|
Luister naar hem:
volg hem |
| Lc.
9, 51-62 |
Ooit zei ik ‘Ja’ tegen iemand of iets |
| Je kúnt Mij volgen, maar het hóeft niet
als jij daar niet vrij voor bent |
|
De weg gaan met
Jezus |
| Lc.
10, 1-12 + 17-20 |
Leven met hoop moet je doen! |
|
Ga op weg en leef
van het genoeg! |
| Lc.
10, 10-12 + 17-20 |
Wie zich gekend weet bij God |
| Lc. 10, 25-37 |
Wie was de naaste
voor de Samaritaan? Doe jij ook zo! |
|
Wie is mijn
naaste? |
| Lc. 10, 38-42 |
Gastvrijheid:
geven én ontvangen |
| Lc. 11, 1-13 |
Leren bidden |
| Een mens die luistert en in relatie is
met zijn God, kan heel veel vragen… |
| Lc.
12, 13-21 |
Ontmoeting |
| Over leven en geluk |
|
Rijk zijn bij God,
wat is dat? |
| Lc.
12, 32-48 |
Vervulling van levensbestemming |
| Voorbij de angst kiezen voor mens-zijn
in Gods naam |
| Lc.
12, 49-53 |
Vuur ben ik komen brengen |
| Man tegen man; vrouw tegen vrouw; de
jongere generatie tegen de ouderen |
| Lc. 13, 1-9 |
Bekeren tot leven
tot leren om gemeenschap te worden! |
| Naderbij komen om
te zien |
|
De Enige verbindt
zich met zijn hele en heilige Persoon aan zijn volk |
| Lc. 13, 22-30 |
Leven met God is
alle moeite waard |
| Waar het onderweg
op aankomt, is dat wij met hart en ziel aanwezig zijn |
| Lc.
14, 1 + 7-14 |
Samen aan tafel |
| Gast of gastheer zijn door eenvoud van
hart |
|
Samen maaltijd
houden als beeld van het koninkrijk van God |
| Lc.
14, 13-35 |
Hun ogen gingen open voor… de
onzichtbare |
| Lc. 14, 25-33 |
Als het zo moet, hoeft het niet van mij |
| Leerling-zijn |
| Kleine profeet: sta op! |
| Lc.
15, 1-32 |
Toen kwam hij tot zichzelf |
| Lc. 15, 1-3 + 11-32 |
Omdat hij het is,
groter dan ons hart |
| 40 jaar
Gemeenschap de Hooge Berkt: |
| Lc.
15, 11-32 |
Laten we feest vieren! |
| Lc. 16, 1-13 |
Gerechtigheid |
| Wat moeten wij toch doen? |
| Wees creatief in het scheppen van
verbondenheid |
| Lc. 16, 19-31 |
Vreugde |
| Over de arme heen
kijken |
| De poort en de kloof |
| Lc.
17, 5-10 |
Over de betekenis van ons leven |
| Vragen mag, klagen moet! |
| Lc.
17, 11-19 |
“Maar toch is er die ene, wij kunnen
die ene zijn...” |
| God dank en eer brengen, door mensen
heen |
| Lc. 18, 1-8 |
Mens, durf te
bidden |
| De moed niet opgeven! |
| Het doet er wel degelijk toe dat wij
bidden… |
| Lc. 18, 9-14 |
Dit is het goede
moment |
| Mijn ziel buigt zich voor god aan wie
ik toebehoor |
| Over de hoogmoed en de nederigheid |
| Lc. 19, 1-10 |
De uitdaging om te
leven |
| Goddelijke vrijgevigheid |
| Lc.
19, 11-28 |
De eindtijd - vertrouw het! |
| Lc. 20, 27-38 |
Wat is leven? |
| Lc.
20, 27+34-38 |
Een God van leven, van levenden |
| Lc. 21,
5-19 |
Wat win je ermee,
om christen te zijn? |
| Lc.
21, 5-36 |
In verwachting |
| Lc.
21, 25-28 + 34-36 |
Liefde die deelt tot het pijn doet |
| Opnieuw in de ruimte van Jezus komen |
|
“Roep Mij aan en
Ik verhoor je. Grote, ondoorgrondelijke dingen maak Ik je
bekend” |
| Lc.
23, 35-43 |
Christus, dienaar van het heelal |
Lc.
23,44-46+50+
52-53+24,1-6a |
Allerzielen:
van het donker naar het licht |
| Lc.
24, 13-35 |
Geloof en Leven in één |
| Emmaus: waaraan herkenden ze de Heer? |
| Lc.
24, 35-48 |
Mensen van de Verrezene worden |
|
Het gebod van de
liefde is minstens zo zwaar als een wekelijkse
krachttraining… |
| Lc.
24, 44-53 |
Sinds de hemelvaart van Jezus is alles
anders... |