|
|
Preken: Matteüs
14, 13 - 21
Door Koos van Etten
Gods barmhartigheid
Het verhaal over
de vijf broden en twee vissen: het heeft de eeuwen door christenen
aangesproken. In Taghbe, dichtbij Kafarnaüm in Israël, vind je het
uitgebeeld in een mozaïek op de grond, op de plaats waar men zegt
dat dit verhaal van de vijf broden en twee vissen zich heeft
afgespeeld. Je vindt het ook als een muurschildering in de
catacomben in Rome waar ik onlangs geweest ben. De christenen van de
eerste eeuwen hebben in dat verhaal van de vijf broden en twee
vissen een symbool gezien, een teken van Gods overvloedige goedheid
en barmhartigheid. Want dat is wat hier verkondigd wil worden: Gods
goedheid/ barmhartigheid die gezicht krijgt in Jezus' optreden.
Dat was
aanvankelijk niet zo vanzelfsprekend volgens dit evangelie, want het
begint met te zeggen: Toen Jezus dat hoorde, week Hij uit naar een
eenzame plaats. Wat heeft Hij gehoord? Dat was het bericht van de
leerlingen van Johannes de Doper die kwamen vertellen, dat Johannes
onthoofd was op bevel van koning Herodes. En een ander bericht, dat
Herodes Jezus vergeleek met Johannes de Doper. Zijn leven werd
daardoor bedreigd. Hij zocht een veilig heenkomen en week uit naar
een eenzame plaats, weg van de mensen, ja maar ook weg van de
machthebbers in Jeruzalem. Dat is de beweging die Jezus steeds
maakt, volgens het evangelie van Matteüs: als het gevaar dreigt,
wijkt Hij uit.
Maar toen Hij met zijn leerlingen aan land ging, zag Hij tot zijn
verbazing een grote menigte mensen, die te voet over land waren
gegaan en nog vóór hen was aangekomen. Toen werd Hij tot in zijn
binnenste bewogen. Dat is het woord dat mij raakt; een woord van
Gods barmhartigheid. Wat zag Jezus dan? Hij zag er mensen die
wellicht naar Hem geluisterd hadden, toen Hij sprak in
gelijkenissen. Hij zag er mensen, die de moeite genomen hadden om
Hem achterna te gaan en nog wel te voet, over land. Hij zag in hen
het verlangen naar leven, naar echt leven. Daarmee voelde Hij zich
aangesproken in zijn roeping en Hij ging daar onmiddellijk op in:
Hij genas hun zieken en deelde brood uit.
Wat is dat voor een zien en wat wordt er in Hem aan bewogenheid
opgeroepen? Het is een zien, zoals in Ex. 3 vermeld staat, van God.
Daar staat dat de Heer sprak tegen Mozes: "Ik heb de ellende van
mijn volk in Egypte gezien, de jammerklachten van hun onderdrukkers
gehoord; ja, Ik ken hun lijden." Het is een omzien naar mensen, een
betrokken raken op wat ze meemaken, waardoor er door Mozes een
beweging op gang komt die uiteindelijk zal leiden naar de
bevrijding. Ook in het evangelie wordt verteld, dat door Jezus heen
God omziet naar zijn volk en dat Jezus allereerst de zieken geneest,
hun kwetsuren heelt.
En als het al laat geworden is, dan ontstaat er
een discussie tussen Jezus en de leerlingen over brood. De
leerlingen laten de onmogelijkheid zien om zoveel mensen te eten te
geven van slechts vijf broden en twee vissen. Dat kan gewoon niet!
Maar Jezus vertrouwt op Gods goedheid/barmhartigheid en na het
dankgebed laat hij zijn leerlingen het brood uitdelen aan de mensen.
Dat blijkt méér dan voldoende te zijn. Wat ons door dat verhaal
wordt verteld, is dat Jezus gelooft in die goedheid van God, tegen
de stroom in/ tegen het gewelddadig optreden van Herodes in, en dat
heeft indruk gemaakt op de aanwezigen.
Wat betekent dit nu voor ons?
Op de eerste plaats dat we tegen de bedreigingen van het leven
in ons laten raken door die goedheid/ barmhartigheid van God,
die in Jezus is doorgekomen en ook in mensen die vanuit
diezelfde geest leven. Dat vraagt een houding, waarin we dat
teken willen zien/ ondergaan.
Op de tweede plaats zegt het ons, dat we zelf al doende kunnen
leren handelen vanuit diezelfde geest: dat we willen zien wat er
gaande is en van binnenuit bewogen worden om te handelen. Dat
kan dan zijn: zieken nabij zijn, een woord vinden van troost,
hen ondersteunen in hun kwetsbaarheid.
Dat kan ook zijn door mensen te eten te geven, b.v. door onze
rijkdom te delen met vluchtelingen op grond van het woord: Geven
jullie hen maar te eten..Op een meer symbolische manier denk ik
ook aan de vakantietijd: weinig mensen, weinig
vanzelfsprekendheden. Maar als we willen, is het mogelijk met
elkaar het leven te delen, of het zoeken naar een creatieve
invulling die het gewone patroon doorbreekt.
|