Foto: Preken - Marcus
 Kennismaking
 Aanbod
 Spiritualiteit
   Liturgie
   Laatste Preek
   Matteüs
   Marcus
   Lucas
   Johannes
 Dagelijks leven
 Geschiedenis
 Contact
 Zoeken
 
 Leden           Slot

Preken: Marcus 10, 35 - 45

Door Koos van Etten, gehouden op 22 oktober 2006

 

De beker drinken

 

Ik weet niet hoe het jullie vergaat bij het luisteren naar dit evangelie, maar voor mij is het heel bekend. Ik dacht: hoe kom ik hierin binnen? Ik heb toen gekeken naar de twee leerlingen die hier genoemd worden: Jakobus en Johannes. Wie zijn zij en waarom stellen zij hun vraag?

Jakobus en Johannes horen bij de meest intieme leerlingen van de twaalf. Al vanaf het begin van het evangelie volgen zij Jezus. Zij worden ook meegenomen door Jezus, wanneer hij het vertrek binnengaat, waar het dochtertje van Jaïrus ligt, bijna als dood. Hij pakt haar bij de hand en zegt: Meisje, sta op! En het meisje staat op. Weer iets later worden ze meegenomen, wanneer Jezus een hoge berg opgaat en voor hun ogen verandert hij van gedaante. Zij hebben dus al heel wat meegemaakt

 

Nu zijn ze onderweg naar Jeruzalem. Jezus heeft zojuist gesproken over zijn naderend einde, over zijn lijden en dood en na drie dagen zal hij opstaan. De leerlingen horen dat wel, maar kunnen het niet bevatten. Het komt totaal niet bij hen binnen. Maar het lijkt alsof ze alleen maar het laatste gehoord hebben en daar klampen zij zich aan vast door te vragen: Meester, als u straks in uw heerlijkheid gekomen bent, mag dan de een van ons rechts en de ander links van u zitten? Van hen uit lijkt dat een terechte vraag. Zij zien de weg naar Jeruzalem als een opgaande lijn, als een eindpunt, als een apotheose. Als Jezus aan de macht gekomen is, mogen zij dan dichtbij hem aan tafel zitten?

 

Ik moet denken aan de jongeren in onze tijd, dertigers, veertigers – en dan mag je je zelf zo jong voelen als je wilt. Zij hebben ambitie, ze willen carrière maken en een verantwoordelijke plaats innemen in de maatschappij. Ze hebben ervaring opgedaan. Nu willen ze het voortouw nemen, de eerste zijn van een groep, de voorzitter van de vergadering. Ik vind dat terecht, want je wilt iets betekenen en je verantwoordelijkheid op je nemen. Op een of andere manier speelt die vraag bij iedereen, hoe jong of oud we ook zijn: je wilt in tel zijn, je wilt je stem laten horen.

 

Die twee leerlingen nemen door hun vraag in ieder geval een risico. Maar ze krijgen een totaal ander antwoord. Jezus is op weg naar Jeruzalem en voor hem betekent dat het einde van zijn leven, hij gaat door een diep dal. Het is een neergaande lijn. Hij vraagt dan ook: Kunnen jullie de beker drinken die ik moet drinken? Hij ziet vóór zich dat hij de beker van het lijden zal moeten drinken. Hij blijft wel geloven in zijn droom van een rijk van vrede en gerechtigheid; hij blijft ook vertrouwen op de nabijheid van God, zijn Vader, maar hij zal nog een hele strijd moeten leveren, een strijd om het kwaad te overwinnen. Met hem zullen ook Jakobus en Johannes nog een hele weg te gaan hebben.

 

De ‘beker die hij zal drinken’ verwijst naar het verhaal van Getsemane, de hof van Olijven. Jezus is daar angstig en onrustig en vraagt zijn beste vrienden, Jakobus, Johannes en ook Petrus, om hem te steunen:‘Blijf hier en waak met mij.’ Maar ze houden het niet vol en vallen in slaap. Voor Jezus is het een eenzame weg die hij te gaan heeft.

Als wij nu bij Jezus blijven, zien we dat hij zich laat inspireren door de ‘lijdende dienaar’ uit de eerste lezing. Het lijden dat hem is overkomen, zal hij op zich nemen. In dat lijden is hij rechtop gebleven en hij heeft het doorstaan en dat is tot vrucht geworden voor zijn vrienden en voor héél het volk. Omdat hij het lijden heeft doorstaan, heeft hij aan het einde van de tunnel, staat er, het licht gezien en is hij tot inzicht gekomen. Wat heeft hij gezien? Ik denk, dat hij heeft leren zien, dat God met hem was, ook in zijn lijden. Hij heeft leren zien: ‘Hier is God!’

 

Zo zal Jezus zíjn weg gaan; hij geeft zijn leven voor zijn vrienden. Hij doet dat om hen tot bevrijding te brengen, tot redding. Zo is hij Jakobus en Johannes vóórgegaan en heeft hij laten zien wat het betekent de voornaamste te zijn, de eerste binnen het volk.

Dit verhaal inspireert mij om mijn weg te gaan en de pijn te dragen die ik te dragen heb. Ik hoop dat dit verhaal ook ons allen kan bemoedigen. Laten we hier in de eucharistie de beker drinken die Jezus ons aanreikt.