Foto: Preken - Marcus
 Kennismaking
 Aanbod
 Spiritualiteit
   Liturgie
   Laatste Preek
   Matteüs
   Marcus
   Lucas
   Johannes
 Dagelijks leven
 Geschiedenis
 Contact
 Zoeken
 
 Leden           Slot

Preken: Marcus
16, 15 - 20
Door Leonie van Straaten

Van vreemde tot vriend worden

Als je, zoals we zoëven in deze zondagse dienst gedaan hebben, begint met een liedje uit Afrika en je dat nog niet eerder gehoord of mee ingestudeerd hebt, is het misschien niet zo gemakkelijk om je meteen welkom te voelen. Daarmee zitten we meteen in het thema van de vreemdheid en de gastvrijheid en ik hoop dat U zich zeker allen hier welkom voelt. Het is immers zo dat, als je bij mensen op bezoek gaat – en dat geldt voor ieder van ons – of als je zelf bezoek ontvangt, het helemaal niet zo gemakkelijk is om je direct vertrouwd te voelen. Zo gaat het gewoon meestal niet.

Vrijdagavond zijn we dit weekend begonnen met het feest van Hanneke. Hanneke is 40 geworden en we hebben haar gewoon met zijn allen ‘overvallen’. We hebben je met allen, die zo ongeveer van mijn leeftijd of jonger zijn – en ook een paar wat ouderen – overvallen en we hadden daarbij ons best gedaan om je op je gemak te stellen. We hadden namelijk allemaal iets aangetrokken, waarvan we dachten "dat past nou echt bij Hanneke". Nu heeft Hanneke wel heel veel kanten, als je op zo’n avond rondkijkt. Je keek de hele avond in de spiegel, doch het is maar de vraag in welke spiegel jij je herkend hebt. Dat is natuurlijk altijd zo onder ons. We hebben heel veel beelden van elkaar en zijn soms heel vertrouwd en soms niet zo vertrouwd met elkaar. Kennen we elkaar wel goed? En welke beelden heb je, die niet meer af te breken zijn? Kun je nog eens nieuw naar een ander kijken?

Dat zijn allemaal vragen, die bij het thema van deze zondagviering passen. Het is vandaag Willibrordzondag, de zondag van de oecumene. Letterlijk vertaald betekent oecumene ‘bewoonbare wereld’. Als we dus oecumene doen, proberen we om deze aarde, deze wereld bewoonbaar te maken. We proberen dat te doen op de wijze zoals Jezus ons dat voorgedaan heeft. Het thema is ‘vreemdeling en gast’. De Hebreeuwse taal, de taal van de bijbel, heeft maar één woord om zowel ‘vreemdeling’ als ‘gast’ aan te duiden. Iemand die gast is, is een vreemdeling voor je, en een vreemdeling kan jouw gast zijn. Daar zit een soort opdracht in, een opdracht om elkaar aan te kijken, met elkaar te maken te willen hebben, en dan zo wereldwijd als wij deze wereld bewonen, niet alleen zo dichtbij als op zo’n feest van Hanneke, maar ook wereldwijd. Dat is een nogal grote opdracht.

Straks horen we het verhaal van Abraham. Abraham krijgt bezoek. Hij krijgt God op bezoek, maar dat weet hij niet, want hij krijgt gewoon drie vreemdelingen op bezoek. Zo gaat het natuurlijk ook vaak. Hoe zou hij nou immers kunnen weten dat het God is, die tussen die vreemdelingen staat? En in het evangelie horen we hoe Jezus zijn leerlingen de wereld in stuurt. In die wereld ontmoet je vreemde talen en andere culturen. In onze tijd hoef je daarvoor helemaal niet zo ver weg te gaan, want als je door Eindhoven of Amsterdam loopt, ben je al midden in de wereld. Als je je ogen open hebt ontmoet je daar de hele wereld. En Jezus wil dat zijn leerlingen de mensen een goede boodschap vertellen. Een goede boodschap, zo heet dat, een boodschap van liefde en gerechtigheid. Dat zijn thema’s, waar we wel over praten, maar dan als idealen en liever niet met de naam van God erbij, want spreken over God is vreemd. Als je dat doet ben je voor heel veel mensen een vreemdeling. Kunnen we echter wel zonder die naam?

Hoe het ook zij, Willibrord was zo’n man, die dat wel gedaan heeft, en als je hier rondkijkt zitten er ook mensen, veel mensen, oudere mensen, die dat hun hele leven gedaan hebben: vertellen over liefde en gerechtigheid, op weg gaan met de goede boodschap van Jezus. Deze Jezus is voor velen van jullie iemand van verhalen, maar vooral een vreemdeling, want wat moet je toch met Hem? Dat weet ik niet. Dat moet je zelf ontdekken in je leven, als je met vragen te maken krijgt, vragen over liefde, vragen over wat rechtvaardig is, vragen over wat waar is. In dat geval kun je in die verhalen over Hem horen hoe Hij daarmee omging. Dan kan Hij minder vreemd en als een vriend worden. Zo is het mij vergaan en zo is het heel velen vergaan. We zoeken dat nou nog met elkaar, dag voor dag. En voor ieder van ons geldt dat, als je je met elkaar inlaat – ook al ben je nog zo vreemd voor elkaar – dwars door de beelden heen, je met een goede boodschap bezig bent. Dan doe je liefde en doe je wat recht is. Als we dat doen en als we daarin geloven, dan kunnen we het vandaag ook vieren. Daarom zijn we ook hier. En als we straks aan tafel zijn en het brood breken, dan zijn we bij Hem te gast, bij die vreemdeling, en dan hoop ik dat we het samen doen, dat we elkaar aankijken en dat we kunnen geloven dat iedere vreemdeling een vriend kan worden.