|
Preken: Lucas 2, 33 - 40
Door Niek Werkhoven, gehouden op
27 december 2009
Ik ben enthousiast vanwege de HEER
De derde dag, wordt het teveel van
het goede, hebben we al meer dan genoeg gehoord? Of, en misschien
hoort het juist bij 'de derde dag', kunnen we nog iets ervaren van
waar de eerste lezing mee begon: “Ik vind diepe vreugde in de Heer”–
of met de Franse vertaling: Ik ben enthousiast vanwege de Heer...
Enthousiast vanwege de Heer. Zoiets
zeg je niet zo gauw, voel je ook niet zo gauw.
Maar misschien springt er iets van
dat dit profetisch enthousiasme over als we proberen te luisteren.
Als een profeet enthousiast is vanwege de Heer, dan gaat het immers
niet over een opgeruimde stemming, maar over een visie, een kijk op
de werkelijkheid.
En deze profeet stond met zijn
voeten op puinhopen, letterlijk en figuurlijk. Toch kon hij vandaar
verder zien dan het onmiddellijke hier en nu.
Enthousiast vanwege de Heer... Op
Hem vertrouwen geeft toekomst-zekerheid, hoop.
Het doorbreekt ontmoediging en
berusting.
Over dat enthousiasme gaat ook het
evangelie, tenminste zo zou je het kunnen verstaan. Simeon en Hanna
bij het kind in de tempel. Zoals Zacharias en Elisabet, als ouders
van de voorloper van Jezus, vooraf gingen, zo zijn er nu twee
representanten van Israël om Jezus te ontvangen en de betekenis van
zijn leven aan het licht te brengen.
Simeon wist door heilige geest dat
hij voor zijn sterven de Gezalfde, de Messias, zou zien. Maar wie
zou dan denken aan een pas geboren jongetje? Om daarin de Messias te
herkennen is heilige geest nodig! Heilige geest die zegt dat juist
in dit kleine, wat roept om gedragen te worden, opgenomen en
beschermd, dat juist daarin God binnenkomt.
Vervuld van die geest horen we hem,
met het kind in zijn armen, dan zeggen: “Mijn ogen hebben uw heil
gezien”. Hij zegt dus niet: ‘Kijk, dit is nu de Messias’.
Maar het gaat om zijn heil: het heel, gaaf, maken van leven,
goed en gelukkig maken, Godsgave, vol leven!
En dat is zo weerloos, maar een
weerloosheid die krachtiger is dan alle arrogantie, macht en
dominantie die ons van mensen zo bekend is.
Jezus' vader en moeder, zo vertelt
Lucas, stonden verbaasd over wat over hem gezegd werd. Je zou daar
over heen lezen, maar Lucas zegt daarmee: let op, er gebeurt iets
nieuws. Want waarom zouden ze verbaasd moeten zijn? Maria heeft toch
al bijzondere dingen gehoord bij de aankondiging, en de herders
kwamen ook niet uitverteld over het woord van de Heer, het woord
over de Verlosser.
Het nieuwe klinkt in de zegen van de
oude Simeon: “Kijk, hij is bestemd tot val en opstanding van velen
in Israël, tot teken dat tegenspraak oproept”.
En dan, schijnbaar terloops, ook nog
tegen Maria: “Ook door jouw ziel zal een zwaard gaan”.
Kunnen we dat nog een zegen noemen?
Zegen is toch bene-dicere, eu-logein, ons woord evangelie, goed
nieuws! Ja zeker is dat een zegen. De profetische blik van Simeon
ziet heel Jezus' leven. Hij weet dat deze Jezus ooit zal zeggen:
“Zagen jullie op deze dag maar de weg van vrede; maar die is
verborgen voor jullie ogen.” (19,42).
Heil is niet een wegkijken van de
realiteit. Jezus is bestemd – en dus ook degenen die hem volgen – ,
tot val en opstanding. “Ik God, ben jullie God, er is geen ander.”
Er is geen macht of kracht groter of sterker. Zich toevertrouwen aan
Hem geeft toekomst-zekerheid, dat zei de profeet Jesaja, dat zegt
ook Simeon tegen ons nu vandaag op deze 'derde dag'.
En zoals zo dikwijls in de lange
geschiedenis van het geloof, is er dan de stem van de vrouw. Vrouwen
zijn, zegt André Néher, de “aiguilleurs de l'histoire”, degenen die
de wissels in de geschiedenis omzetten!
Hanna, de profetes, de weduwe van 84
jaar. Als Lucas een leeftijd noemt heeft dat betekenis.
Vierentachtig dat is 7 maal 12, dat wil zeggen de heiligheid van God
is aan het werk in en door de 12 stammen van Israël. Daarom komt de
twaalfjarige Jezus opnieuw naar het huis van zijn Vader en is
hij dertig, drie maal tien, als hij in het openbaar optreedt.
Hanna spreekt tot allen die op de
bevrijding van Jeruzalem zaten te wachten. Dat wachten is nu
voorbij. Die bevrijding wordt nu gegeven, wordt zó gegeven in het
teken van een klein kind, in het teken dat weersproken wordt. Maar
voor hen die achter deze Messias aangaan, wordt het de weg ten
leven.
En zo kan het weer klinken, op deze
'derde dag': “Ik ben enthousiast vanwege de Heer...”.
Hij is onder ons, met ons onderweg.
We mogen dit licht dat een openbaring zal zijn, meenemen.
Zo moge het zijn. □
|