Foto: Evangelie volgens Lucas
 Kennismaking
 Aanbod
 Spiritualiteit
   Liturgie
   Laatste Preek
   Matteüs
   Marcus
   Lucas
   Johannes
 Dagelijks leven
 Geschiedenis
 Contact
 Zoeken
 
 Leden           Slot


Preken: Lucas 3, 10 - 18

Door Hinnêni Peltenburg, gehouden op 13 december 2009

 

 

Het is opmerkelijk dat de Enige waakzaam is in onze nacht. Wij waken dus met Hem… niet één nacht volgens onze agenda’s, of kerkelijke kalenders, maar voortdurend, op dit keerpunt in de tijd.

 

Het volk leefde in gespannen verwachting en allen vroegen zich af of Johannes niet de Messias was. Maar Johannes gaf hun allen ten antwoord: “…er komt iemand die krachtiger is dan ik; ik kan mij zelfs niet eens zijn dienaar noemen…”

 

Deze zinnen hebben mij het meeste geholpen om een paar woorden bij de lezingen van vandaag te zeggen. Er is een verschil op te merken tussen het vragen van het volk en de manier waarop Johannes antwoord geeft. Het volk verwacht iets alsof dat nog niet heeft plaatsgevonden; het verwacht een persoon die komt verlossen, want dat is toch voorzegd. Verwachten en uitzien naar bevrijding is niet slecht. Want als je naar het heden kijkt, kun je daar alles behalve tevreden mee zijn. Zou Johannes dus die Messias zijn?

Bij Johannes zie ik een andere houding. Ook hij kijkt in zijn tijd en is daar alles behalve tevreden mee, maar hij weet op wie hij wacht. Zijn geloof is gehecht aan Degene die krachtiger is dan hij. En dat is niemand anders dan de machtige Enige, die zijn volk door de Uittocht leidde. Want dat is het thema van Johannes. Hij staat aan de oever van de Jordaan; op de grens van het Beloofde Land. Daar laat hij mensen – die daarvoor kiezen – door het water trekken, door het verbond; daar leidt hij hen door een nieuwe uittocht… want weer is het nacht, zegt hij, zoals toen een nieuwe kans. Hij staat er klaar voor: met zijn lendenen omgord. Hij is een en al waakzaamheid. Johannes heeft niets extra’s nodig om in leven te blijven in de nacht van de doortocht. Voor dit nieuwe begin heeft hij alleen zichzelf aan te bieden. De Enige moet ingrijpen en ons allen verlossen, zegt hij, zoals toen, uit Egypte: ons thuisbrengen uit de ballingschap, uit ons wereldwijde onvermogen. De Enige hoort opnieuw het zuchten van zijn mensen; Hij hoort onze verontwaardiging om het nog uitblijven van de juiste beslissingen en het heelmakende handelen met onze aarde; een taak die niet alleen op de schouders van de wereldleiders rust, maar op ons allemaal, want kleine beslissingen liggen binnen ons bereik.

Johannes houdt zich aan het voorschrift uit het boek Exodus om waakzaam te zijn. Daar staat aan het begin van de uittocht: De Heer waakte die nacht om de kinderen van Israël uit Egypte weg te voeren. Daarom waken alle Israëlieten deze nacht voor de Heer, elke generatie opnieuw. Exodus 12, 42

Het is opmerkelijk dat het de Enige is die waakzaam is in onze nacht. Wij waken dus met Hem… niet één nacht volgens onze agenda’s, of kerkelijke kalenders, maar voortdurend, op dit keerpunt in de tijd.

Waakzaam zijn voor de Heer, is er van uitgaan dat Hij er is; zoals van Johannes wordt gezegd, dat de vriend de Bruidegom verwacht. Zoals de bruidsmeisjes waakzaam zijn in de nacht en hun lampen in orde maken. Ik verwacht de Heer en ik besef dat Hij iedereen wil overkomen. Dat Hij op jou toekomt en van zich laat horen: Hij spreekt zijn Woord, ook in onze dagen.

Dat wat Johannes doet, kunnen wij ook doen: je handen openen en daarin een woord laten groeien. Je ogen geen rust gunnen: kijk om je heen naar de wereld. Je oor te luisteren leggen, bij mensen met een boodschap. Werken aan het nieuwe ‘wij’ dat groeit in de wereld.

Waakzaam zijn is meer dan zomaar afwachten. Het is doen wat je moet doen en wat je kunt doen en intussen steeds meer plaats maken voor de Enige zodat Hij zich nog meer aan ons kan openbaren. Dat geloof ik, dat hoop ik en daar geef ik mijn liefde aan.

 

Ik verwacht de Heer en ik besef dat Hij iedereen wil overkomen. Dat Hij op jou toekomt en van zich laat horen: Hij spreekt zijn Woord, ook in onze dagen.