|
Preken: Lucas 3, 10 - 18
Door Hinnêni
Peltenburg, gehouden op
13 december 2009
Het is opmerkelijk dat de Enige
waakzaam is in onze nacht. Wij waken dus met Hem… niet één nacht
volgens onze agenda’s, of kerkelijke kalenders, maar voortdurend, op
dit keerpunt in de tijd.
Het volk leefde in gespannen
verwachting en allen vroegen zich af of Johannes niet de Messias
was. Maar Johannes gaf hun allen ten antwoord: “…er komt iemand die
krachtiger is dan ik; ik kan mij zelfs niet eens zijn dienaar
noemen…”
Deze zinnen hebben mij het meeste
geholpen om een paar woorden bij de lezingen van vandaag te zeggen.
Er is een verschil op te merken tussen het vragen van het volk en de
manier waarop Johannes antwoord geeft. Het volk verwacht iets alsof
dat nog niet heeft plaatsgevonden; het verwacht een persoon die komt
verlossen, want dat is toch voorzegd. Verwachten en uitzien naar
bevrijding is niet slecht. Want als je naar het heden kijkt, kun je
daar alles behalve tevreden mee zijn. Zou Johannes dus die Messias
zijn?
Bij Johannes zie ik een andere
houding. Ook hij kijkt in zijn tijd en is daar alles behalve
tevreden mee, maar hij weet op wie hij wacht. Zijn geloof is gehecht
aan Degene die krachtiger is dan hij. En dat is niemand anders dan
de machtige Enige, die zijn volk door de Uittocht leidde. Want dat
is het thema van Johannes. Hij staat aan de oever van de Jordaan; op
de grens van het Beloofde Land. Daar laat hij mensen – die daarvoor
kiezen – door het water trekken, door het verbond; daar leidt hij
hen door een nieuwe uittocht… want weer is het nacht, zegt hij,
zoals toen een nieuwe kans. Hij staat er klaar voor: met zijn
lendenen omgord. Hij is een en al waakzaamheid. Johannes heeft niets
extra’s nodig om in leven te blijven in de nacht van de doortocht.
Voor dit nieuwe begin heeft hij alleen zichzelf aan te bieden. De
Enige moet ingrijpen en ons allen verlossen, zegt hij, zoals toen,
uit Egypte: ons thuisbrengen uit de ballingschap, uit ons
wereldwijde onvermogen. De Enige hoort opnieuw het zuchten van zijn
mensen; Hij hoort onze verontwaardiging om het nog uitblijven van de
juiste beslissingen en het heelmakende handelen met onze aarde; een
taak die niet alleen op de schouders van de wereldleiders rust, maar
op ons allemaal, want kleine beslissingen liggen binnen ons bereik.
Johannes houdt zich aan het
voorschrift uit het boek Exodus om waakzaam te zijn. Daar staat aan
het begin van de uittocht: De Heer waakte die nacht
om de kinderen van Israël uit Egypte weg te voeren. Daarom
waken alle Israëlieten deze nacht voor de Heer, elke
generatie opnieuw. Exodus 12, 42
Het is opmerkelijk dat het de Enige
is die waakzaam is in onze nacht. Wij waken dus met Hem… niet één
nacht volgens onze agenda’s, of kerkelijke kalenders, maar
voortdurend, op dit keerpunt in de tijd.
Waakzaam zijn voor de Heer, is er
van uitgaan dat Hij er is; zoals van Johannes wordt gezegd, dat de
vriend de Bruidegom verwacht. Zoals de bruidsmeisjes waakzaam zijn
in de nacht en hun lampen in orde maken. Ik verwacht de Heer en ik
besef dat Hij iedereen wil overkomen. Dat Hij op jou toekomt en van
zich laat horen: Hij spreekt zijn Woord, ook in onze dagen.
Dat wat Johannes doet, kunnen wij
ook doen: je handen openen en daarin een woord laten groeien. Je
ogen geen rust gunnen: kijk om je heen naar de wereld. Je oor te
luisteren leggen, bij mensen met een boodschap. Werken aan het
nieuwe ‘wij’ dat groeit in de wereld.
Waakzaam zijn is meer dan zomaar
afwachten. Het is doen wat je moet doen en wat je kunt doen en
intussen steeds meer plaats maken voor de Enige zodat Hij zich nog
meer aan ons kan openbaren. Dat geloof ik, dat hoop ik en daar geef
ik mijn liefde aan.
Ik verwacht de Heer en ik besef
dat Hij iedereen wil overkomen. Dat Hij op jou toekomt en van zich
laat horen: Hij spreekt zijn Woord, ook in onze dagen.
|