Foto: Evangelie volgens Lucas
 Kennismaking
 Aanbod
 Spiritualiteit
   Liturgie
   Laatste Preek
   Matteüs
   Marcus
   Lucas
   Johannes
 Dagelijks leven
 Geschiedenis
 Contact
 Zoeken
 
 Leden           Slot

Preken: Lucas 16, 1 - 13
Door Koos van Etten

Gerechtigheid

Mijn eerste reactie op dit evangelie is: wat zullen de toehoorders van Jezus hebben zitten te grinniken. Hij vertelt een parabel uit het leven gegrepen. En zijn boodschap is duidelijk: wat een slimme man! Wij hebben gisteren financiële presentatie gehad van het bestuur, gebracht door Charlotte en Peter. Zouden zij ook zo ons geld beheren? Nee, natuurlijk niet. Die zijn fatsoenlijk; zo zijn ze niet en zo zijn wij ook niet. Want die man uit de parabel heeft zich verrijkt op een onrechtvaardige manier; en als hij zijn ontslag krijgt, is dat terecht, ook al weet hij er handig uit te komen.
Maar het gekke is dat die econoom door zijn baas geprezen wordt, om zijn slimheid en creativiteit! Hetzelfde doet Jezus, die deze parabel vertelt om ons te laten leren van die onrechtvaardige econoom. Die man weet tenminste vrienden te maken, door een deel van hun schulden kwijt te schelden. Daar kunnen wij nog van leren! Toch is deze gedachte eigenaardig, want die verwacht je niet van zo’n leermeester als Jezus is. Want als we die gedachte toepassen op onze werkelijkheid, zouden we dan zo kunnen kijken naar een man als Osama bin Laden? Dat is een man die rijk is geworden door zijn vele transacties, en die zich door zijn rijkdom en zijn overtuiging vele vrienden weet te maken in de islamitische wereld. Moeten we zo kijken, dat wij van hém kunnen leren?
Maar dan begint er in ons toch wel duidelijk protest te komen: die man is een gevaar! Als ….hij de aanslagen van vorige week heeft beraamd, is het een misdadiger. Hij heeft vele onschuldige mensen tot slachtoffer gemaakt in de VS. Wat hij doet, is en blijft verschrikkelijk
Zo’n man moet berecht en bestraft worden en zijn vrienden met hem, nietwaar?!
Dat uiten van een protest brengt ons dichter bij de eerste lezing, uit de profeet Amos. Hij bekritiseert zijn volk. Hij verwijt ze te profiteren van de armen. Hij klaagt ze aan en zegt dat ze strikken spannen voor de armen en de misdeelden in het land willen uitroeien. En op het einde van zijn vergaal laat hij uiteindelijk God de Heer zeggen: ‘Ik zal hun daden nooit vergeten!’ Die taal klinkt als de taal van de regering in de VS: een taal van dreiging en vergelding. Het onrecht moet met een straffend optreden vergolden worden. Is het dat wat ons gezegd wordt, want zo kun je het lezen? Maar bij die oorlogstaal voelen we ons evenmin thuis; het drijft ons enorm op en vergroot onze angst. Het brengt ons tot een denkschema van goede en kwade mensen, en natuurlijk zijn wij goed en die anderen slecht.
Wat is het toch dat deze lezingen ons willen leren/ ons willen zeggen?

Het is vandaag het begin van de vredesweek, en in vele kerken wordt aandacht geschonken aan de beweging van mensen die uit zijn op ‘vrede om gerechtigheid’. Dat woord ‘gerechtigheid’ staat in de lezingen centraal. In de taal van de Schrift wordt het woord ‘rechtvaardigheid of gerechtigheid’ vaak gebruikt in de zin, zoals wij dat verstaan, in de juridische zin. Als iemand een misdaad gepleegd heeft, moet hij gestraft worden. Er is een norm overtreden, en daar moet paal en perk aan gesteld worden. Er moet recht gedaan worden: aan het slachtoffer en aan de orde die verbroken. In de Tora of Wet van Mozes staan vele regels die dit rechtvaardig handelen oproepen.
Maar in de Schrift wordt ook een andere betekenis van ‘gerechtigheid’ wordt gebruikt. Dat heeft te maken met het verbond, dat er bestaat tussen God en zijn volk. Er is sprake van een relatie. Gods gerechtigheid is dan zijn heilzaam en reddend optreden die opkomt voor zijn volk, en vaak juist voor een volk dat is verdrukt. Het gaat om een herstel van de juiste orde. En daarover spreekt de profeet Amos: hij wil dat er onder het volk gerechtigheid gedaan wordt. Daarover spreekt ook Jezus: dat er recht gedaan wordt en betrouwbaarheid is in het kleine.
Ik denk dat wij in deze dagen wat onze beleving betreft tussen deze twee betekenissen instaan: er is onrecht gedaan aan mensen, er is inbreuk gedaan op de veiligheid van een staat en volk van Amerika, onschuldige slachtoffers zijn er gevallen; het is nodig dat dit onrecht hersteld wordt; dat er rechtvaardigheid gebeurt in de juridische zin: de schuldigen moeten gestraft worden en de onschuldigen gewroken.
Maar in ons schreeuwt het ook om een andere gerechtigheid: dat er breder gekeken wordt dan dit moment. Dat er gerechtigheid gebeurt aan arme mensen en landen, opdat er vrede kan komen, en de kloof tussen rijk en arm uiteindelijk gedicht wordt. Er is gerechtigheid nodig tussen mensen, opdat we gaan leren van andere culturen en andere godsdiensten, en er broederschap ontstaat tussen volkeren. Er is gerechtigheid nodig, gegrond op de waarheid ja, maar bedoeld om de tegenstellingen tussen mensen te verkleinen en we samen een bewoonbare wereld mee helpen opbouwen. Die gerechtigheid vraagt van ons allen een omkeer, een verandering van mentaliteit, een andere instelling. En dit zal ook een lange weg is; die gerechtigheid gebeurt niet van de ene op de andere dag, maar we blijven hopen, dat die gerealiseerd kan worden, ondanks en door alles heen.