|
|
Preken: Lucas 12, 32 - 48
Door Niek Werkhoven
Vervulling van levensbestemming
Het zal niet
meevallen, vermoed ik, om dit vrij lange evangelie met aandacht te
volgen, laat staan dat we iets voelen zoals de Emmausgangers: ‘Was
het niet hartverwarmend zoals Hij onderweg met ons sprak en de
schriften voor ons opende’.
Onderweg, ja, dat is wel het eerste wat we moeten beseffen. Het is
zo’n zondag na pinksteren, die lange en voortdurende ‘training’ om
met en vanuit heilige Geest te leven. En dat is nogal wat. Waar die
Geest waait gaat het om leven, leven geven, laten leven in ruimte en
vrijheid.
Als we zo naar het
evangelie willen luisteren vallen de brokstukjes wat in elkaar. Dan
luisteren naar Iemand die zijn leven, zijn perspectief wil delen, en
dat is wat anders dan een moeten dat ons van buitenaf opgelegd
wordt. En laten we eerlijk zijn, we zouden dat al uit het oog kunnen
verliezen bij de eerste woorden. Ze klinken als een
preekstoel-cliché, terwijl Jezus wel degelijk de dagelijkse dag op
het oog heeft.
Wees niet bang, kleine kudde… Laat je angstige bezorgdheid los, al
ben je maar een kleine groep, al lijk je niet opgewassen tegen de
wereld om je heen met haar reclame voor geluk en leven.
Laat je angst varen. Kennen we deze angst? De existentiële angst dat
ons, mijn, leven niets uithaalt, dat wij toch niets kunnen
veranderen aan de ellende die we dagelijks horen en zien. De angst
dat we alleen komen te staan, wat ‘wereldvreemd’ met onze, mijn,
opvatting over geluk en leven. De angst om een kleine onbeduidende
groep te zijn.
Als wie die angst bij ons toelaten, als we daarin onszelf durven te
zijn, dan kunnen we ook met open handen vragen wat het zou kunnen
zijn dat de Vader het rijk wil geven. Wat hebben we daaraan, wat
kunnen we daar nu mee? Ronduit gezegd niets, helemaal niets. Het
gaat bij dat ‘rijk’ niet om hebben of kunnen, wel om mens te worden,
om vrijheid en geluk, om vrede met jezelf en je directe omgeving.
Daarom zei ik dat
deze woorden pas betekenis krijgen als we ze belichaamd zien in
iemand, als ze zichtbaar gemaakt worden door mensen die vrede
uitstralen, liefde geven recht doen. Woorden die betekenis krijgen
als, en in de mate dat we dat zelf proberen zonder er een status van
te maken, zonder er macht aan te ontlenen. Waar je schat is, waar je
het waardevolle, het kostbare ziet, daar ligt je hart.
Jezus, zijn Geest, spreekt ons aan op het kiezen voor leven, die
kern waar het in de schrift telkens weer om draait. Maakt dat het
leven, maakt dat geloof en godsdienst dan alleen maar zwaar en
moeilijk? Mogen we dan niet van het leven genieten? Moeten we dan
het aangename en prettige voortdurend inleveren?
Ja, dat lijkt er soms wel op!
Waarom zouden we anders met die woorden ‘houd je lendenen omgord’
herinnerd worden aan het paasverhaal van de uittocht? Uittocht,
exodus, dat was een waagstuk en dat blijft het. Toen moest de nood
ook heel groot zijn om de mensen mee te krijgen het ongewisse, de
onveiligheid in. Door de nood wisten ze waaruit ze trokken, maar
waar ze naar toe gingen… We kennen dat verhaal. We kennen ook de weg
die Jezus, en na Hem zovelen, gingen.
Jezus geeft zijn leerlingen geen aai over de bol, en dat kunnen we
ook nu niet verwachten. Wel vraagt Hij, wel belooft Hij, belofte om
te kunnen delen in zijn ervaring dat God aanwezig wil komen.
Houd je lampen
brandend – dat heeft alleen maar zin als het donker is, als je niets
kunt zien. Het is toch volstrekt overbodig als alles voor het
oprapen ligt, zo zichtbaar is, een lamp aan te houden!
Uithouden, trouw volharden, de angst en ongerustheid uithouden in
donkere dagen, dat is de consequentie die vastzit aan de
werkelijkheid van vrijheid, geluk en vrede. Een consequentie die we
moeten bevechten in ons hart, want daar raakt de Geest ons. Zonder
stilte en gebed klinken deze woorden immers hol, of maken we er een
hoogstandje van.
Vandaar dat Petrus vraagt: zeg je dat nu tegen ons of zo maar in het
algemeen.
Het antwoord van Jezus is eigenlijk geen antwoord maar een
tegenvraag. Wie is de man de vrouw bij wie is doorgedrongen dat hij
of zij geen meester is van leven, dat leven geen bezit is waar je
mee om kunt springen naar eigen goeddunken. Het wordt ons gegeven in
de concrete realiteit van situaties, van mensen met alle
mogelijkheden en vooral onmogelijkheden. Gegeven om te maken, om te
scheppen.
Een evangelie om eucharistie mee te vieren, juist
in deze vakantie tijd! Want meer dan woorden is het een gebeuren,
een herademen en er weer tegen kunnen. De God van Jezus, onze God,
geeft ook vandaag zijn Geest om de weg te kunnen gaan, door alle
onveiligheid heen, naar vervulling van ieders levensbestemming.
Zo mogen het zijn.
|