Foto: Evangelie volgens Lucas
 Kennismaking
 Aanbod
 Spiritualiteit
   Liturgie
   Laatste Preek
   Matteüs
   Marcus
   Lucas
   Johannes
 Dagelijks leven
 Geschiedenis
 Contact
 Zoeken
 
 Leden           Slot

Preken: Lucas 12, 32 - 48
Door Niek Werkhoven

Vervulling van levensbestemming

Het zal niet meevallen, vermoed ik, om dit vrij lange evangelie met aandacht te volgen, laat staan dat we iets voelen zoals de Emmausgangers: ‘Was het niet hartverwarmend zoals Hij onderweg met ons sprak en de schriften voor ons opende’.
Onderweg, ja, dat is wel het eerste wat we moeten beseffen. Het is zo’n zondag na pinksteren, die lange en voortdurende ‘training’ om met en vanuit heilige Geest te leven. En dat is nogal wat. Waar die Geest waait gaat het om leven, leven geven, laten leven in ruimte en vrijheid.

Als we zo naar het evangelie willen luisteren vallen de brokstukjes wat in elkaar. Dan luisteren naar Iemand die zijn leven, zijn perspectief wil delen, en dat is wat anders dan een moeten dat ons van buitenaf opgelegd wordt. En laten we eerlijk zijn, we zouden dat al uit het oog kunnen verliezen bij de eerste woorden. Ze klinken als een preekstoel-cliché, terwijl Jezus wel degelijk de dagelijkse dag op het oog heeft.
Wees niet bang, kleine kudde… Laat je angstige bezorgdheid los, al ben je maar een kleine groep, al lijk je niet opgewassen tegen de wereld om je heen met haar reclame voor geluk en leven.
Laat je angst varen. Kennen we deze angst? De existentiële angst dat ons, mijn, leven niets uithaalt, dat wij toch niets kunnen veranderen aan de ellende die we dagelijks horen en zien. De angst dat we alleen komen te staan, wat ‘wereldvreemd’ met onze, mijn, opvatting over geluk en leven. De angst om een kleine onbeduidende groep te zijn.
Als wie die angst bij ons toelaten, als we daarin onszelf durven te zijn, dan kunnen we ook met open handen vragen wat het zou kunnen zijn dat de Vader het rijk wil geven. Wat hebben we daaraan, wat kunnen we daar nu mee? Ronduit gezegd niets, helemaal niets. Het gaat bij dat ‘rijk’ niet om hebben of kunnen, wel om mens te worden, om vrijheid en geluk, om vrede met jezelf en je directe omgeving.

Daarom zei ik dat deze woorden pas betekenis krijgen als we ze belichaamd zien in iemand, als ze zichtbaar gemaakt worden door mensen die vrede uitstralen, liefde geven recht doen. Woorden die betekenis krijgen als, en in de mate dat we dat zelf proberen zonder er een status van te maken, zonder er macht aan te ontlenen. Waar je schat is, waar je het waardevolle, het kostbare ziet, daar ligt je hart.
Jezus, zijn Geest, spreekt ons aan op het kiezen voor leven, die kern waar het in de schrift telkens weer om draait. Maakt dat het leven, maakt dat geloof en godsdienst dan alleen maar zwaar en moeilijk? Mogen we dan niet van het leven genieten? Moeten we dan het aangename en prettige voortdurend inleveren?
Ja, dat lijkt er soms wel op!
Waarom zouden we anders met die woorden ‘houd je lendenen omgord’ herinnerd worden aan het paasverhaal van de uittocht? Uittocht, exodus, dat was een waagstuk en dat blijft het. Toen moest de nood ook heel groot zijn om de mensen mee te krijgen het ongewisse, de onveiligheid in. Door de nood wisten ze waaruit ze trokken, maar waar ze naar toe gingen… We kennen dat verhaal. We kennen ook de weg die Jezus, en na Hem zovelen, gingen.
Jezus geeft zijn leerlingen geen aai over de bol, en dat kunnen we ook nu niet verwachten. Wel vraagt Hij, wel belooft Hij, belofte om te kunnen delen in zijn ervaring dat God aanwezig wil komen.

Houd je lampen brandend – dat heeft alleen maar zin als het donker is, als je niets kunt zien. Het is toch volstrekt overbodig als alles voor het oprapen ligt, zo zichtbaar is, een lamp aan te houden!
Uithouden, trouw volharden, de angst en ongerustheid uithouden in donkere dagen, dat is de consequentie die vastzit aan de werkelijkheid van vrijheid, geluk en vrede. Een consequentie die we moeten bevechten in ons hart, want daar raakt de Geest ons. Zonder stilte en gebed klinken deze woorden immers hol, of maken we er een hoogstandje van.
Vandaar dat Petrus vraagt: zeg je dat nu tegen ons of zo maar in het algemeen.
Het antwoord van Jezus is eigenlijk geen antwoord maar een tegenvraag. Wie is de man de vrouw bij wie is doorgedrongen dat hij of zij geen meester is van leven, dat leven geen bezit is waar je mee om kunt springen naar eigen goeddunken. Het wordt ons gegeven in de concrete realiteit van situaties, van mensen met alle mogelijkheden en vooral onmogelijkheden. Gegeven om te maken, om te scheppen.

Een evangelie om eucharistie mee te vieren, juist in deze vakantie tijd! Want meer dan woorden is het een gebeuren, een herademen en er weer tegen kunnen. De God van Jezus, onze God, geeft ook vandaag zijn Geest om de weg te kunnen gaan, door alle onveiligheid heen, naar vervulling van ieders levensbestemming.

Zo mogen het zijn.