|
Preken: Lucas 9, 28 - 36
Door Jan Rooijakkers, gehouden
op 4 maart 2007
Ontmoeting in de wolk
Liturgisch zijn we op weg naar Pasen. Het is een weg: door met Hem
op te trekken kunnen we de persoon van Jezus in ons leven opnieuw
een plaats geven.
We gaan mee en doorleven hoe Hij van ‘ kerstkind’
werd tot de man van lijden, tot de Verrezene, tot de Heer die
volgelingen op een nieuwe levensweg bracht, degene werd die voor ons
zo centraal staat op onze weg van geloof. Die voor ons een weg
geworden is naar God.
Vorige zondag maakten wij mee hoe Hij vanuit zijn Doop door
Johannes, vanuit het woord “Jij bent mijn geliefde Zoon”, gedreven
door de Geest Gods, gelouterd door de woestijnervaringen van
bekoring, tot een man werd die van binnen uit kon zeggen: ik
vertrouw alleen op mijn Vader, Hem dien ik, Hij is mijn voeding,
alleen door Hem laat ik me leiden.
Vandaag wordt ons het verhaal dat we ‘de gedaanteverandering’ noemen
gegeven.
Vandaag wordt ons een verdere dimensie van zijn wezen en zending
getoond:
voor zijn intimi wordt Hij van binnenuit
zichtbaar. Het verhaal op de berg is meer een ervaringsbericht
dan een verslag van een gebeurtenis. Er worden beelden en woorden
gebruikt uit de mystiek: hij begon te stralen; ze gingen de berg op,
er verschenen mannen in heerlijkheid; en tegelijk raken de anderen
door slaap overmand; Petrus wist niet wat hij zei; een wolk omhulde
hen; een stem sprak uit de wolk; ze konden er niet over spreken….
Er
wordt iets vertolkt, dat onuitsprekelijk blijft.
De leerlingen hebben iets doorgemaakt, van
waaruit zij voor de rest van hun leven naar Jezus keken, en over
Hem spraken.
De
leerlingen merkten: biddend verandert hij, als hij bidt is hij een
totaal andere mens, begint hij te stralen! Zijn gesprek met God is
van een totaal andere orde dan een gepreveld morgengebed.
Zijn eigenlijke gesprekspartners zijn wij niet,
maar zijn Vader. En zijn verdere gesprekspartners zijn Mozes en
Elia. De grote profeten. De twee die op de Sinaï en op de Horeb God
ontmoet hebben, in een wolk, en met Hem spraken. Hij hoort bij hen
die God kennen!
Hun
grondgevoel werd: het is goed hier te zijn, bij Hem. Tenten bouwen,
dit visioen vasthouden, de tenten, symbool van Gods aanwezigheid.
Als
in een wolk gehuld, verhuld. De wolk van de berg Sinaï, de wolk
boven de ark in de woestijn. Niet zwevend, maar los en hulpeloos,
zonder referentiekaders of woorden: ze maakten iets mee dat ze niet
konden plaatsen, nergens bij thuis konden brengen, duister en
onverklaarbaar, mysterieus. Ze konden er later hoogstens over
zwijgen of stamelen.
De stem, zoals bij de doop, maar dan naar de
leerlingen: “Dit is mijn geliefde zoon, luister naar Hem.” Het was
mysterieus, geheimnisvol en overweldigend.
Wat heeft het ons dan te zeggen? Dit evangelie roept ons op om
zo naar Jezus te kijken.
We hoeven niet anders te leven, maar: deze Jezus
zo zien, zoals de apostelen Hem vanuit die ervaring zijn gaan zien,
zijn gaan vertrouwen, op hem zijn gaan bouwen. De
gedaanteverandering van Jezus maakt hem tot Heer.Ook voor ons?
Jezus die een mysterie is van binnenuit. Dat toelaten, met
iemand meegaan die boven onze ratio, boven onze berekeningen
zichzelf is, zoon van God, gezondene en gesprekspartner van God: god
gaat Hij vader noemen, hij kent Hem.
Lukas wil getuigen: Jezus volgen is een betrouwbare weg.
Voor ons: durven we ons naar Hem ‘Christen’ noemen.
Jezus
zien en aannemen, zoals hij vandaag zich liet zien, dat is de
uitnodiging.
|