Foto: Evangelie volgens Lucas
 Kennismaking
 Aanbod
 Spiritualiteit
   Liturgie
   Laatste Preek
   Matteüs
   Marcus
   Lucas
   Johannes
 Dagelijks leven
 Geschiedenis
 Contact
 Zoeken
 
 Leden           Slot

Preken: Lucas 3, 10 - 18

Door Koos van Etten, gehouden op 17 december 2006

 

Oproep tot omkeer én een tinteling van vreugde

 

In de lezingen van vandaag klinkt nog een oproep tot omkeer. Tegelijk tintelt er al vreugde door en wordt onze verwachting meer ingevuld. Ik probeer die twee lijnen van de lezingen na te gaan.

 

Allereerst de oproep tot omkeer. Die oproep hebben we vorige week al gehoord, van dezelfde Johannes de Doper: Bereid de weg van de Heer. Breng goede vruchten voort. Nu zijn er een aantal mensen die gehoor geven, die erop in willen gaan en zich willen laten dopen. Zij stellen allemaal dezelfde vraag. Tot drie keer horen we die vraag, namelijk: Wat moeten wij doen? Het is een echte vraag van mensen die bereid zijn te veranderen, die daar ook de noodzaak van voelen: Wat moet ik doen? Het boeiende is, dat Johannes aan iedere groep een eigen antwoord, heel direct en concreet. Hij zegt: Wie kleren of eten heeft, moet delen met wie niets heeft. Zo eenvoudig is het: delen van wat je hebt – aan mensen die dat niet hebben. Delen met iemand dichtbij of delen met mensen ver weg. Delen schept namelijk verbondenheid. Het is eigenlijk ontroerend dat hij heel gewone dingen vraagt om een fatsoenlijk mens te zijn, en toch is het ook weer bijzonder.

Een tweede groep bestaat uit tollenaars d.w.z. mensen die het niet zo nauw nemen met de Thora, met de Tien Geboden en daardoor door anderen met de nek aangekeken worden. Toch willen juist zij veranderen en willen erbij horen. Tegen hen zegt Johannes dat zij alleen maar geld moeten vragen volgens de normen, niets meer en niets minder. Want geld maakt macht en het is zo verleidelijk over te gaan tot corruptie of slinkse wegen. Een derde groep bestaat uit soldaten, Romeinen of huurlingen die samenwerken met de vijand. Ook deze mensen behoren tot de outcast, staan aan de rand van de maatschappij. Tegen hen zegt hij: Misbruik je macht met het wapen niet. Wees tevreden met je soldij! Want ook een wapen kan leiden tot machtsmisbruik door vrees aan te jagen bij mensen, door moord en verkrachten zoals in landen met oorlog.

Die raadgevingen van Johannes zijn heel dicht, kort samengevat: Doe wat je moet doen. Of zoals een fysiotherapeute eens tegen mij zei op mijn vraag om méér te bewegen: ‘Maak een heel eenvoudig plan. Doe wat je aankunt en wat je graag doet. Dat houd je het langste vol.’

Als wij dat ieder voor zich zouden doen, dicht bij ons eigen hart blijven en kleine veranderingen invoeren, dan zullen we samen ruimte maken, ruimte voor een betere maatschappij, voor een bewoonbare wereld. En blijf geloven in de God van het verbond, want we kennen die duistere krachten van corruptie en onrecht. Het is zo gemakkelijk daarin mee te gaan. Maar laten we ons niet verleiden.

 

Dan het tweede aspect van dit evangelie. Het volk leeft in gespannen verwachting. Het volk d.w.z. al die mensen die te lijden hebben van het onrecht, de kleinen, de armen, degenen die in de verdrukking komen. Zij zien uit naar een andere tijd en denken dat Johannes de messias is. Maar Johannes zegt: Ik doop met water, maar er komt iemand die zal dopen met heilige Geest en met vuur. Die woorden vind ik moeilijker te pakken en zijn ook minder concreet, maar ik wil aangeven wat zij bij mij oproepen.

Hij zal je dopen met vuur. Vuur is een beeld van het oordeel. Elders in het evangelie zegt Jezus: Vuur ben ik op aarde komen brengen en hoe verlang ik dat het brandt. Hier in het evangelie wordt het beeld gebruikt van kaf en koren: het kaf zal van het koren gescheiden worden, het kwaad van het goed. We zullen gelouterd worden: niet macht en aanzien zullen het winnen, maar onze echte inspanningen, hoe klein of nietswaardig die ook lijken. Dat vraagt geloof in Iemand die voor het goede zal opkomen, in de God van het verbond die voor zijn volk opkomt.

Hij zal je dopen met heilige Geest. Die woorden roepen het verhaal op van de aankondiging van de engel aan Maria: Heilige Geest zal over je komen en kracht van de Allerhoogste zal je overschaduwen. Het is de werkzaamheid van God in en door Maria, waardoor zij moeder zal worden van Jezus. Het is de Geest die al vanaf het begin van de schepping over de wateren zweeft en alles bezielt. Zo hopen wij dat wij allen bezield zullen worden door heilige Geest d.w.z. met een werkelijkheid die ons helemaal omvat en tegelijk overstijgt. Gaan we dan iets bijzonders doen? Ik denk het niet, maar aan onze vruchten zal het wel te zien zijn, vruchten van liefde, van saamhorigheid, van vrede. Dat zijn vruchten van de Geest. Daar ontstaat gemeenschap, en precies juist dat is voor anderen aantrekkelijk.

Mag het zo zijn, dat ons hart vervuld wordt van die verwachting, zodat Jezus kan komen met vuur, en heilige Geest ook in ons werkzaam kan zij