Preken: Johannes
10, 24 - 30
Door Koos van Etten, gehouden op
25 april 2010
Luisteren naar zijn Stem
Mijn aandacht valt op de zin die Jezus zegt in het evangelie:
Mijn schapen luisteren naar mijn stem. Ik ken ze en ze volgen mij.
Het gaat over luisteren, luisteren naar zijn stem. Maar wil je
iets kunnen horen, dan moet het stil zijn.
Kijken we naar de eerste lezing, dan is het helemaal niet stil.
Integendeel, er is een oorverdovend lawaai. Er is een hevige
spanning gaande tussen mensen. Paulus en Barnabas hebben op sabbat
in de synagoge gesproken over Gods werkzaamheid in Jezus, de
gekruisigde en verrezen Heer. Sommige toehoorders zijn enthousiast,
maar anderen wijzen hen af. Hun boodschap roept een hele
tegenbeweging op. Die anderen worden jaloers, stoken vrouwen op
tegen Paulus en Barnabas en ontketenen een vervolging, zodat ze
moeten vluchten. Het is even spannend als in onze dagen, waarin we
horen over de ruzie in onze R.K.-Kerk over de liederen die we wel of
niet mogen gebruiken. Er is een strijd gaande tussen gelovigen die
kan leiden tot verdeeldheid. Zo ook in de tijd van Paulus en
Barnabas. Hoe hebben zij leren luisteren?
1. Paulus en Barnabas zijn begonnen met hun boodschap over Jezus,
maar die wordt door de Joden afgewezen. Dat is een pijnlijk
gebeuren. Want het zijn hun eigen geloofsgenoten die hen afwijzen,
de Joden die vertrouwd zijn met de geschiedenis van God met zijn
volk. Jezus komt uit dat volk voort en toch wordt Hij niet aanvaard.
Hoe is het mogelijk? Tegelijk zien de apostelen dat hun boodschap
wel wordt aangenomen door een grote groep mensen uit de andere
volkeren: niet-joden, heidenen die geraakt worden en zich aan hen
toevertrouwen. Dat is voor de apostelen een signaal om te volgen.
2. In dat gebeuren is er nog een tweede moment dat Paulus en
Barnabas hebben opgepakt. Zij hebben geluisterd naar de Schrift en
vinden in de profeet Jesaja een bevestiging van wat ze zojuist
ervaren hebben. Daar lezen ze als een woord van God: Ik heb u
opgesteld als een licht voor de heidenen om tot heil te zijn tot het
uiteinde van de aarde. Hun wortel ligt in de geschiedenis van
God met het joodse volk; maar dat volk is bedoeld als een licht voor
alle volkeren, niet alleen naar binnen gericht, ook naar buiten. Zo
breed en ruim is hun opdracht. Dat zien deze apostelen nu als een
leidraad voor hun handelen.
3. In het evangelie komen we eenzelfde spanning tegen. De
toehoorders vragen aan Jezus of Hij de Messias is, maar hij geeft
geen rechtstreeks antwoord, omdat er inmiddels al een kloof in de
communicatie ontstaan is tussen beide partijen. Want na deze woorden
lees ik dat ze Jezus zelfs willen stenigen. Deze communicatie roept
dus geweld op, heel pijnlijk. Maar Jezus blijft trouw aan zijn
roeping, aan zijn grondervaring: dat hij zich geliefd en gekend weet
door God, zijn Vader. Wat zijn Vader hem heeft toevertrouwd, gaat
alles te boven. Hij en de Vader zijn één.
Wat betekent dit voor ons nu? Hoe kunnen wij luisteren?
1. Er is veel beweging onder ons: er zijn verhuizingen en
verschuivingen, die leiden tot een nieuwe setting. Waarom doen we
dit? Enerzijds willen we zo goed mogelijk een woonplaats hebben,
waardoor we bij onszelf en bij de ander thuis kunnen komen. En
anderzijds scheppen we zo ruimte voor onze gastvrijheid. Soms is dat
vanuit de leegte, zoals bij Ben en Dick die verhuisd zijn zonder
Maria, maar wel met Maria in hun hart. Zou deze beweging tot iets
nieuws kunnen leiden?
2. Daarnaast is er al gesproken over de komende gemeenschapsdagen.
Niet alles is even helder, er is ook verwarring of slechte
communicatie. Ik persoonlijk vind het belangrijk om mee te bewegen,
ook al kan ik nog niet alles volgen, en tegelijk mijn eigen geluid
te laten horen. Maar wat belangrijker is: dat we in deze spanning
bij elkaar blijven, elkaar zoeken in de communicatie, de ander niet
verketteren, zoals in de media gebeurt. Ik ben ook blij te horen dat
we de gemeenschapsdagen willen beginnen vanuit de stilte, want dat
is een goed uitgangspunt om werkelijk naar elkaar te kunnen
luisteren.
3. Maar soms is het nodig in alle drukte die er gaande is, te
luisteren naar de stem in je eigen hart, of beter nog naar de Stem
van Jezus die roept. Het kan een roepstem van buiten zijn die
aansluit bij een diep verlangen in onszelf. Een stem die trekt en in
beweging zet, die onze angst doet overwinnen en ons over een grens
tilt. Daarvoor is veel stilte nodig. Ik hoop die te mogen ervaren in
de komende retraiteweek. Maar voor ieder van ons is het van belang
die stem op het spoor te komen, zodat we erop in kunnen gaan, dicht
bij de Bron van ons leven komen en zo tot kracht komen, vanuit
heilige Geest. |