Foto: Evangelie volgens Johannes
 Kennismaking
 Aanbod
 Spiritualiteit
   Liturgie
   Laatste Preek
   Matteüs
   Marcus
   Lucas
   Johannes
 Dagelijks leven
 Geschiedenis
 Contact
 Zoeken
 
 Leden           Slot

Preken: Johannes 14, 23 - 29

Door Jan Rooijakkers, gehouden op 13 mei 2007

 

De Heilige Geest en wij hebben besloten

 

We zijn op weg van Pasen naar Pinksteren, ieder van ons is onder-weg, de een hoopvol, met perspectief, heeft het leven nog voor zich; de ander misschien wat bedrukt, met een berg voor zich vol bedreiging, een ander met een markering: Paula, jij, 50 jaren gegaan met een duidelijke professie, je telt je zegeningen en roept buren en familie bijeen om uit te zeggen dat je dankbaar bent.

De boodschap die we zo vlak voor Pinksteren, een paar dagen voor we onze dagen van onderscheiding, de ‘gemeenschapsdagen’ beginnen, is:

‘Ik ga naar de Vader, ben niet bedroefd. Ik laat je niet als wezen achter, maar de Vader stuurt de Helper. Deze zal u leren en in herinnering brengen, wat ik u heb gezegd.’

Ik wil met u proberen om concreet te voelen en te zien, hoe dat in zijn werk gegaan is, hoe dat bij ons nu kan werken, zodat het geen vrome zin blijft, maar we ook werkelijk door deze Helper geholpen worden. Ik wil met u kijken hoe de apostelen hiermee leefden.

 

Op het snijpunt van de trouw aan de Mozaïsche gebruiken en de trouw aan een nieuwe beweging met grote tekenen van de werking van heilige Geest, kwam de jonge kerk rond de apostelen in een heftige crisis terecht. Moesten allen uit de heidenwereld de hele Joodse traditie en wetgeving overnemen – of niet? Afgezanten van Antiochië, de apostelen, oudsten en de hele gemeente van Jeruzalem kwamen bij elkaar om een antwoord te vinden en een koers te bepalen.

Het unieke woord van de apostelen en de hele gemeente luidde uiteindelijk: “De heilige Geest en wij hebben besloten u geen zwaardere last op te leggen dan het onvermijdelijke”.

Daaruit spreekt een kracht: zo spreken en zoeken met elkaar dat je dat durft te zeggen! We hebben de heilige Geest de eerste plaats gegeven. Niet de sterkste stem, de grootste meerderheid, de …. Nee: de Geest , die vruchten van de geest misschien, werd/werden bepalend.

Hoe deden ze dat? Ik denk: ze wisten dat het om Gods zaak ging, niet om de hunne! Dan luister je van daaruit naar elkaar. In het spreken met elkaar waren ze erop gespitst op wat ik zou willen noemen de realiteit van de Geest. Ze vroegen zich af: waar zie ik vruchten, wat bouwt op en wat niet.

Achteraf kunnen ze dan zeggen: de Heilige Geest en wij. Ze waren er zelf ook helemaal, ze namen hun verantwoordelijkheid op zich, maar de Geest kreeg het voortouw.

Wat betekent dat toch? Spreken en denken vanuit een bredere laag dan mijn denken, echt de ander ook beluisteren i.p.v. overtroeven of belagen. De hele gemeente nodig willen hebben. Luisteren en denken breder dan mijn belang; het belang van een heel volk, het belang binnen de geschiedenis van God met zijn volk, dat hele kader meenemen in je hart.

Zo’n houding verplicht tot innerlijke adel, tot boven partijen staan, tot voeling met de echte signalen van de Geest, tot voeling ook met je eigen diepste intuïtie van wat goed en heilzaam is.

Durven raken aan waar we eigenlijk ieder diep in ons het visioen van God met zijn mensen weten.

 

Hoewel helemaal uniek toen in de vroege christentijd rond de apostelen, is het verhaal toch ook nu tot ons gekomen om er zelf iets mee te doen. Durven we ons op dit spoor begeven? Wij die bidden om Geest, wij die deze week samen willen komen als gemeenschap? Durven we die diepere laag in onszelf te raken: wat wil de Geest met ons. Mag ik de nederigheid vragen om achter de tekenen van de Geest aan te gaan, om de ruimte van zijn werking prioriteit te geven, zodat ook wij zullen durven zeggen “de Heilige Geest en wij….”

In de aposteltijd werkte het bevrijdend en lastenverlichtend om de Geest het voortouw te geven; mag het bij ons ook zo zijn.