|
|
Preken: Johannes 18, 33b - 37
Door Koos van Etten
Hoe Jezus zijn koninklijke weg ging
Het is wel
opvallend. We vieren het einde van het liturgisch jaar eigenlijk in
een alleluja-stemming met het feest van Christus, Koning van het
heelal, en, zoals Nel zojuist al gezegd heeft, dat past bij het
feest dat jullie vieren, Jan en Hetty. Er wordt ons echter tevens
een stukje voorgelezen uit het evangelie van Johannes, dat bij het
lijdensverhaal hoort zoals we dat integraal op Goede Vrijdag te
horen krijgen, eigenlijk een droevig verhaal. Hoe past dat toch bij
elkaar? Een groter tegenstelling dan die tussen Goede Vrijdag en
Pasen kunnen we toch eigenlijk niet bedenken?
Het is overigens
wel in overeenstemming met het evangelie volgens Johannes, want
daarin wordt verteld over Jezus in een neergaande lijn en in een
opgaande lijn. De neergaande lijn zal ik eerst even beschrijven. Aan
het begin van het evangelie zegt Johannes "het woord is vlees
geworden, mens geworden". In dit evangelie, zoals we het zojuist
hoorden, betekent dat dat Jezus wordt voorgeleid aan Pilatus, een
rechter, die Hem uiteindelijk ook zal veroordelen, waarbij Hij
gegeseld wordt en bespot door zijn soldaten en tenslotte weggevoerd
voor een terechtstelling aan het kruis. Dat is onbegrijpelijk. Deze
mens kwam op voor liefde en gerechtigheid en dan zie je zo’n
neergaande lijn, zo’n afgang. Toch laat Johannes zien dat in de weg,
die Jezus gaat, tegelijk een opgaande lijn zit, een opgang, een weg
naar verheerlijking. Jezus wordt in het verhaal, dat we zojuist
gehoord hebben, immers koning genoemd, als het ware tot koning
aangesteld. Hierna krijgt Hij een kroon op zijn hoofd. Het is
weliswaar een doornenkroon, die Hem met bespotting wordt opgezet,
maar toch vertelt Johannes in zijn verhaal "kijk goed, Hij krijgt
een kroon op zijn hoofd en een mantel om zich heen", terwijl Pilatus
iets later zegt "hier is uw koning". En zelfs op het kruis staat
"Koning der Joden", als ware het kruis een troon. Het is even
onbegrijpelijk, maar zo bedoelt Johannes het wel. Hij bedoelt aan te
geven dat in deze kwetsbare mens, die het slachtoffer lijkt te zijn
van politiek spel, een grote kracht doorkomt.
Die twee
betekenislijnen houden de spanning vast van wie Jezus is en hoe zijn
leven gegaan is. Zoals we het ook het vorige weekend hoorden, is
Jezus bij de berechting door Pilatus en moet Hij ook die weg van de
mens gaan. Hij moet de weg gaan in geloof, niet in de geborgenheid
en de troost blijven steken, maar heel verantwoordelijk zijn eigen
leven op zich nemen. Hij moet dat wel doen in het geloof dat Hij er
is, "God, Ik zal er zijn". Juist in deze mens Jezus is te zien hoe
het woord is vlees geworden, mens geworden en onder ons heeft
gewoond. Er komt een innerlijke kracht door Hem heen, een innerlijke
kracht waardoor Hij op de vraag van Pilatus een tegenvraag stelt en
ook zegt dat zijn koningschap niet van deze wereld is, niet politiek
gekleurd en op basis van militaire macht, maar dat het een
koningschap is om te getuigen van de waarheid. Jezus is inderdaad
kwetsbaar en geweldloos, maar Hij staat fier rechtop als een
koninklijke mens. In Jezus heeft die goddelijke vonk gewoond en
temidden van alle geweld blijft Hij staande.
Dat is het wat mij
getroffen heeft bij het lezen van dit evangelie, en ik denk dat wij
op onze manier zo onze weg mogen gaan. Voor de Joden is Jezus koning
van Israël geworden. Hijzelf leefde vanuit een droom over het
koninkrijk van God als een rijk van vrede, gerechtigheid en liefde
en Hij heeft zich daar helemaal voor ingespannen. En hoewel die
droom op het moment dat Hij voor Pilatus staat niet is uitgekomen,
blijft Hij er toch in geloven. De droom is nooit uitgedoofd. Jezus
groeit als een koning in dat rijk, waar Hijzelf voor opkwam. Zo
mogen wij zeggen dat Jezus koning voor ons allen is geworden, voor
al degenen die uit de waarheid zijn en luisteren naar zijn stem, die
zoeken naar en hopen op recht en gerechtigheid en zich ervoor willen
inspannen om te duiden dat het niet gaat om een koningschap van déze
wereld, maar van die ándere, waarin je gelooft en waarop je hoopt,
opdat wij als deze mensen staande blijven in de beproeving en er
door ons heen een geestkracht mag komen ondanks onze kwetsbaarheid
en opdat wij uitgroeien tot koninklijke mensen.
Als er dan gesproken wordt van "Jezus, Koning van
het heelal", staat er in 1Kor – die we vandaag niet voorgelezen
hebben – "en als het einde gekomen is, zal Jezus zijn koningschap
overdragen aan God de Vader; Hij, de Zoon, zal zich onderwerpen aan
de Vader, opdat God alles in allen zal zijn".
Dat is het feest dat wij vandaag vieren en mag
dat ook een leidraad zijn voor jullie, koninklijke mensen. Moge deze
overweging een leidraad zijn voor onze viering en voor de viering
van het feest van vandaag.
|