Foto: Evangelie volgens Johannes
 Kennismaking
 Aanbod
 Spiritualiteit
   Liturgie
   Laatste Preek
   Matteüs
   Marcus
   Lucas
   Johannes
 Dagelijks leven
 Geschiedenis
 Contact
 Zoeken
 
 Leden           Slot

Preken: Johannes 15, 9 - 17

Door Nel van Cuijk

Dat jullie elkaar liefhebben

Op deze dag wil ik me in het bijzonder richten op jullie die vandaag voor het eerst zelf het brood ontvangen. Hoe zitten we hier nu samen? Het is de zesde zondag van Pasen, de eerste communie van Casper, die jullie als een vriend in je kring hebt opgenomen (Casper is meervoudig gehandicapt). Jullie gaan zelf het brood ontvangen, donderdag is het hemelvaart, en ‘s avonds beginnen de evangeliedagen met een feestelijk samen zijn, en deze week staat in de kerken in dit heilig jaar het vuur centraal. Een week van Vuur een week ter voorbereiding voor Pinksteren waarin we opgeroepen worden om ons hart te laten spreken.
En de basis voor dit alles wordt voor mij gevormd door het woord van Jezus van vandaag. Ik noem jullie geen knechten, dienstknechten meer maar vrienden, want ik heb jullie alles meegedeeld wat ik van mijn vader gehoord heb.

Dat woord van Jezus; daar wil ik het volgende over zeggen. Je moet je voorstellen dat zo’n dertig jaar na de dood van Jezus weer een stel leerlingen, vrienden van Hem bij elkaar waren. En ze gingen elkaar verhalen vertellen van Jezus, wat herinneren we ons, wat heeft Hij gezegd kunnen we elkaar daar wat over vertellen. Wat was nu zijn belangrijkste boodschap en toen ze dat allemaal aan elkaar verteld hadden hebben ze dat later weer opgeschreven en dat lezen wij nu. En dan zeggen ze Jezus heeft alles gezegd, alles openbaar gemaakt. Hij heeft niets verborgen, niets achter gehouden, hij had geen geheimen meer voor ons. Volstrekte openheid van zaken heeft Jezus gegeven.
Die openheid is de basis voor iedere communicatie, voor iedere dialoog. In openheid en met gelijke informatie beginnen.

En dan ik ga even terug naar vorige week toen hoorden we over de wijnstok en de ranken, over vrucht dragen, over je vruchten niet vasthouden. Bomen, struiken, dieren, mensen hebben of krijgen hun vruchten niet voor zichzelf, niet om op te potten maar om zelf opnieuw op een eigen terrein en in en eigen ruimte vrucht te dragen. En jullie jongelui jullie zetten vandaag weer een stapje in de richting van dat gebod van Jezus dat we jullie niet vast mogen houden maar als vruchten van ons leven de ruimte moeten geven om je eigen weg te gaan. Dat is een kant van de boodschap van Jezus, aan ons en aan jullie.
De andere kant is dat Jezus zegt blijf in liefde met mij verbonden. Hoe doe je dat, met Jezus in liefde verbonden blijven? Dat doe je, dat wordt zichtbaar, door elkaar lief te hebben.

Agapé is een liefde die veel van ons vraagt. Agapé is als hard werken of hard studeren. De liefde die Jezus bedoeld is niet week of zoetsappig, is niet alleen maar intimiteit en tafelgemeenschap en het prettig hebben samen, de liefde die Jezus bedoeld is soms een dure plicht, soms een harde opdracht, soms een gebod.
Liefde is niet voor watjes of zielepoten. De weg van de liefde is een liefde die volop in het leven van alledag staat. Midden in het bedrijf waar jullie vaders werken, midden in de kerk, midden in onze gemeenschap, midden in jullie schoolpleinen en klassen. Daar moet je het waar maken dat niet het ellebogen werk, of de grootste mond, of de macht, of het elkaar een hak zetten of de onverschilligheid van als ik het maar goed heb de overmacht krijgt. Aan ieder van ons en ook ieder van jullie houdt Jezus ons voor waar je ook bent en wat je ook doet in het leven laat het liefde zijn die je uiteindelijk drijft. De liefde voor je vrienden, ja, maar ook de liefde voor je vijanden, de liefde voor je klasgenoten de liefde voor je collega’s. Verbonden blijven in die liefde is de grond van zending.

In onze voorbereiding op de evangeliedagen hebben velen van ons gelezen. Dat we het ideaal om hechtte gemeenschappen te vormen op moeten geven. Dit zegt Lascaris. Ik vind dat een prikkelende opmerking. En ik zou hem niet graag afdoen met dat zullen we dan wel eens zien want wij blijven doorgaan met een hechtte gemeenschap vormen tot we er bij neer vallen.

Tot Casper en de zijne moet ik zeggen: misschien zijn we er over tien jaar niet meer als gemeenschap, want dat ideaal van ons, van jullie ouders dat ideaal halen we niet.

Misschien krijgt onze gemeenschap wel een heel ander aanzicht, door jullie en door ons. Daarom vind ik de stap die jullie vandaag zetten een hele goede stap. Jullie als ‘kleine zelfstandigen’ op de weg van gemeenschap met Christus. Met Casper als een jonge man in ons midden die jullie en ons altijd zal herinneren aan het feit dat het leven meer van ons vraagt dan dat we ‘kleine zelfstandigen’ zijn. Casper leert ons dat we op moeten en mogen komen voor het zwakke, het kwetsbare dat is Casper niet alleen. Dat zijn we bij tijd en wijle allemaal.

En daarom is er die opdracht van Jezus aan zijn vrienden, aan zijn leerlingen: dat jullie elkaar lief hebben en met die opdracht gaan we allen op weg naar Pinksteren.

En de vruchten van ons leven die we moeten laten gaan om op eigen wijze vruchtbaar te worden.