Foto: Evangelie volgens Johannes
 Kennismaking
 Aanbod
 Spiritualiteit
   Liturgie
   Laatste Preek
   Matteüs
   Marcus
   Lucas
   Johannes
 Dagelijks leven
 Geschiedenis
 Contact
 Zoeken
 
 Leden           Slot

Preken: Johannes 17, 1 - 11a

Door Jan Rooijakkers, gehouden op 4 mei 2008

 

Zij allen bleven trouw en eensgezind in gebed

 

Tussen Hemelvaart en Pinksteren is de tijd van verwachtend en eensgezind bidden. Van de apostelen hoorden we zojuist: ze gingen terug naar de bovenzaal in Jeruzalem en bleven trouw en eensgezind in gebed.

Het evangelie is een gebed van Jezus, waarin we worden meegenomen in zijn bidden, in zijn Godsrelatie, in zijn spreken met zijn Vader. Hij spreekt ‘onomwonden ‘ en direct: “Vader”. Een stamelen is het ook. Het geheel voelt als een moment tussen dood en verrijzenis. Het uur is gekomen: ‘verheerlijk uw zoon’ in de betekenis van: laat toch uw aanwezigheid in mij, tot uitstraling, tot zichtbaarheid worden voor hen hier, ‘opdat ik U verheerlijke’ d.w.z. opdat door mij heen, die voor de dood sta, hoe onbegrijpelijk ook, toch juist U zichtbaar mag worden. En verderop stamelt Jezus zelfs: in hen is mijn heerlijkheid al zichtbaar geworden, d.w.z. zij zijn al van God vervuld, en stralen iets van Hem uit.

We zijn uitgenodigd om in het bidden van Jezus binnen te komen.

Deze icoon hier in onze kapel, de Drievuldigheid door Roebljev in de 15de eeuw geschilderd en voor ons hertaald door Lucienne Lipkens, is een meditatie over dit gebed van Jezus uit Johannes 17. Daarom wil ik graag me via deze icoon door het bidden van Jezus laten raken.

 

Oorspronkelijk is dit een beeld van de drie engelen die Abraham bezochten. Langzamerhand in de loop van de middeleeuwen al mediterend is men hierin steeds meer een beeld van de drieëne God gaan zien: Vader Zoon en Geest.

In het genesisverhaal bezoeken drie engelen Abraham, onder de boom, voor zijn tent.

Woorden als: “de Vader en ik zijn één’ of: ‘wie mij ziet, ziet de Vader’ en: ‘de Geest die de Vader in mijn naam u zenden zal’. Onomwonden woorden, maar buiten de kaders van ons begrijpen. Iets van God wordt uitgezegd.

We zien: Stilte en communicatie tegelijk; directe nabijheid.

We zien drie figuren: je ziet geen hiërarchie, maar harmonie:

Er straalt serene vrede uit en aandacht voor elkaar.

De personen zijn op elkaar gericht, en tegelijk vrij naar elkaar.

Een soort ernstige vreugde: liefde.

Eenheid met een soort van spanning ertussen in.

De opstelling is niet gesloten, maar open naar ons toe: ‘Alles wat U mij gegeven heb ik hen doorgegeven; de Geest van de Waarheid zal hen alles openbaren’.

Zo zijn ook wij hier in dit gebeuren betrokken. Wij horen er bij; in dat bidden hebben ook wij een plaats. Je hoort Jezus zeggen: ‘Ik ben al niet meer in de wereld, maar zij wel’

In deze liefde je op laten nemen is: ons ’openen naar Pinksteren, ontvankelijk worden voor de Geest’